Home Islam Dood - Wederopstanding - Hel Hel

Hel

Ziet! Hij dacht na en hij besloot! Vervloekt zij hij, hoe besloot hij! Nogmaals, vervloekt zij hij! Hoe be sloot hij! Toen keek hij (om zich heen). Daarna fronste hij zijn voorhoofd en keek nors. Dan keerde hij zich om en toonde zich hovaardig. Hij zeide: "Dit is niets dan een nagebootste tovenarij. Dit is slechts het woord van een mens." Weldra zal Ik hem in het Vuur werpen. En wat weet gij wat het Vuur der hel is? Het ontziet niets, noch laat het iets (onverteerd) achter. Het verschroeit het gezicht. (Surat al-Muddaththir: 18-29)

Misleidingen en Feiten

De plaats waar de ongelovigen voor alle eeuwigheid zullen verblijven, is speciaal geschapen om pijn te geven aan het menselijk lichaam en ziel. Dit is alleen omdat de ongelovigen schuldig zijn aan groot onrecht en God’s rechtvaardigheid brengt hun straf met zich mee. Ondankbaar en opstandig tegen de Schepper zijn, Degene die de mens een ziel geeft, is het grootste onrecht dat gepleegd kan worden in het gehele heelal. Daarom is er in het Hiernamaals een smartelijke straf voor zo’n dodelijke zonde. Dat is waar de hel dienst voor doet. De mens is geschapen om een dienaar van God te zijn. Als hij het hoofddoel van zijn schepping ontkent, dan ontvangt hij zeker wat hij verdient. God verklaart het volgende in een van de verzen:

En uw Heer zegt: "Aanbidt Mij; Ik zal uw gebed verhoren. Maar zij die te hoogmoedig zijn om Mij te aanbidden, zullen veracht de hel binnengaan." (Surah al-Mu’min:60)

Omdat de meerderheid der mensen op het einde naar de hel gezonden zullen worden en de straf daarin oneindig en eeuwig is, zou het hoofdzakelijke mikpunt, het allereerste doel, het vermijden van de hel moeten zijn. De grootste dreiging voor de mens is de hel en niets kan nog belangrijker zijn dan iemands eigen ziel hiervan redden. Ondanks dit leven bijna alle mensen op aarde in een staat van onbewustzijn. Zij houden zichzelf bezig met andere problemen in hun dagelijkse levens. Ze werken maandenlang, jarenlang zelfs decennia voor onbelangrijke kwesties, maar toch denken zij nooit aan de grootste dreiging, het ernstigste gevaar voor hun eeuwige bestaan. De hel is vlakbij hun, maar toch zijn ze te blind om dat te zien:

Voor de mensen is de afrekening dichterbij gekomen en toch wenden zij zich in achteloosheid af. Er komt geen nieuwe Vermaning tot hen van hun Heer of zij luisteren er naar terwijl zij er mee spelen. En hun hart is achteloos. En de onrechtvaardigen plegen overleg in het geheim zeggende: "Is deze (Mohammed) niet slechts een mens als gij? Wilt gij dan de tovenarij met open ogen tegemoet gaan?" (Surah al-Anbiya’:1-3)

Zulke mensen doen nutteloze pogingen. Ze brengen al hun tijd door met het achterna jagen van vage doelen. Meestal zijn hun doelen promotie in het bedrijf, trouwen, het hebben van een “gelukkig gezinsleven”, een hoop geld verdienen of een advocaat zijn van een waardeloze ideologie. Terwijl men deze dingen doet, zijn deze mensen zich niet bewust van de grote dreiging die op hen wacht. Men kan de ongevoelige houding zien die ze hebben ten opzichte van de hel, zelfs van hun manier van het verwijzen naar het onderwerp. De “onwetende maatschappij” bestaande uit zulke mensen, spreekt vaak het woord “hel” uit zonder een grondig begrip van de betekenis hiervan te hebben. Zo nu en dan wordt dit woord het onderwerp van grappen. Niemand schenkt echter genoeg aandacht aan het onderwerp. Voor deze mensen is de hel een denkbeeldige fictie. In feite is de hel werkelijker dan deze wereld. De wereld zal na een poosje ophouden te bestaan, maar de hel zal tot in alle eeuwigheid blijven. God, de Schepper van het heelal en de wereld en alle fijngevoelige evenwichten der natuur, heeft evenzo het hiernamaals, het paradijs en de hel geschapen. Een smartelijke straf wordt beloofd aan alle ongelovigen en hypocrieten. De hel, de slechtste plaats die ooit kan worden voorgesteld, is een bron van de absoluutste marteling. Deze marteling en pijn is niet hetzelfde als enige soort pijn in deze wereld. Het is veel intenser dan iedere pijn of ellende die men in deze wereld ooit kan verdragen. Het is voorzeker het werk van God, de Verhevene in Wijsheid.

Een tweede realiteit van de hel is dat deze marteling voor ongelovigen oneindig en eeuwig is. De meerderheid van de mensen in deze onwetende maatschappij, hebben een gemeenschappelijke misvatting over de hel: ze nemen aan dat ze “hun straf voor een bepaalde periode zullen uitzitten’ en dat ze dan zullen worden vergeven. Dit is slecht een wens. Volgens hetzelfde geloof zullen zij, nadat zij een tijdelijke bestraffing in de hel hebben ontvangen, het paradijs verkrijgen. Het einde dat echter op hen wacht, is veel pijnlijker dan wat zij veracht hadden. De hel is absoluut een plaats van eeuwige kwelling. In de Qur’an wordt er vaak nadruk opgelegd dat de bestraffing voor de ongelovigen constant en eeuwig is. Het volgende vers toont dit feit expliciet aan:

“Die daarin lange tijd zullen vertoeven”. (Surah an-Naba’:23)

De beredeneerde uiteenzetting die verklaart: “ik zal mijn straf een tijdje uitzitten en dan zal ik worden vergeven” is kwezelachtig denken, welke sommige zichzelf toestaan om zichzelf te troosten. God richt inderdaad de aandacht hierop in de Qur’an. De Joden gaven blijk van dezelfde beredenering:

En zij zeggen: "Het Vuur zal ons slechts voor een klein aantal dagen deren". Vraag hun: "Hebt gij dan een woord van Allah verkregen? Dan zal Allah Zijn belofte nooit breken. Of zegt gij iets over Allah, dat gij niet weet? Voorzeker, die kwaad doet en door zijn zonden is omringd - zij zijn de bewoners van het Vuur; daarin zullen zij verblijven. (Surah al-Baqarah: 80-81)

Ondankbaar en opstandig zijn tegen de Schepper die “u oren, ogen, verstand en genegenheid gaf” (Surah an-Nahl: 78) verdient zeker onophoudelijk lijden. De excuses die men naar voren brengt zal men niet redden van de hel. Het oordeel dat is gegeven aan diegenen die onverschilligheid tonen, of erger, vijandigheid tegen de religie van de Schepper, is zeker en onveranderlijk:

En wanneer Onze duidelijke tekenen aan hen worden voorgedragen zult gij afkeuring bespeuren op het gezicht der ongelovigen. Bijna zouden zij degenen, die Onze tekenen aan hen verhalen, aanvallen. Zeg: "Zal ik u over iets ergers dan dat inlichten? Het Vuur, Allah heeft het beloofd aan de ongelovigen. En dat is een slechte bestemming." (Surah al-Hajj: 72)

Degenen die arrogant tegen God bleven en vijandschap tegen de gelovigen koesterden, zullen op de Dag des Oordeels de volgende woorden horen:

Gaat daarom de poorten der hel binnen en vertoeft er in. Het tehuis der hovaardigen is slecht. (Surah an-Nahl: 29)

De meest beangstigend eigenschap van de hel is zijn eeuwige aard. Eenmaal in de hel is er geen weg meer terug. De enige werkelijkheid is de hel, samen met vele anderen soorten martelingen. Door het ondervinden van zo’n eeuwige marteling raakt een persoon in totale wanhoop. Hij heeft geen verdere verwachtingen meer. Deze toestand is in de Qur’an als volgt beschreven:

Maar het tehuis van de ongehoorzamen zal het Vuur zijn. Telkens wanneer zij er uit willen komen, zullen zij er weer in worden teruggedreven en hun zal worden gezegd: "Ondergaat de straf van het Vuur die gij loochendet." (Surah as-Sajdah: 20)

Zij zullen uit het vuur willen komen, maar zij zullen er niet kunnen uitgaan en dit zal voor hen een blijvende straf zijn. (Surah al-Ma’idah: 37)

Hiernaast heeft onze Profeet Mohammed (vzmh) het volgende gezegd: "In wiens hart er imaan bevindt ter grootte van een mosterdzaad zal het hel verlaten." Abu Said zegt: "Wie twijfelt over de waarheid van dit bericht, laat hem de volgende ayaah lezen: "Zonder twijfel, Allah verricht geen enkele onrecht..." (Soerah An-Nisa, 40) (Tirmidzi, Sifatoe Djehennem 10, (2601))