De Eminente Voorvaders van vaderszijde van Mohammed (s.a.s.), beginnende met zijn vader en verder teruggaande tot Adnan, die een afstammeling van Ismaël was, zijn als volgt:
Mohammed (s.a.s.), Abdullah, Abdulmuttalib, Hasjim, Abdulmanaf, Qosayy, Kilaab, Morra, Ka'b, Lo'ayy, Ghaalib, Fihr, Maalik, Nadr, Kinana, Choezayma, Moedrika, llyas, Moedar, Nidzaar, Meaad , 'Adnaan.
De voorouders van moeders kant van Mohammed (s.a.s.), beginnende met zijn moeder, zijn:
Mohammed (s.a.s.), Amina, Wahb, Abdoelmanaaf, Zohra, Kilaab.
Zonder twijfel is onze profeet Mohammed (s.a.s) in alle opzichten groter dan en superieur aan alle profeten. De profeten voor Mohammed (s.a.s) waren telkens naar een bepaalde bevolkingsgroep, stad of dorp gezonden, maar onze Profeet Mohammed (s.a.s.) is uitgezonden tot de gehele mensheid en gehele schepping. Om te kunnen begrijpen welk een grote en alomvattende Genade zijn gezantschap voor de mensheid is, dient men kennis te nemen van de toestand van de mensheid voordat Mohammed (s.a.s) werd uitgezonden.
Voordat de trots van het heelal, de profeet Mohammed (s.a.s) optrad, was het een donkere tijd van vernietiging (Al-Fatrah), vol onrust en alle soorten van ondeugd. In godsdienstig opzicht waren de mensen van die tijd helemaal verdwaald door allerlei soorten van ongeoorloofde nieuwlichterij (al-Bid'a) en afwijkingen van het rechte pad. De hele wereld taste in geestelijke duisternis. Ver verwijderd van menselijkheid, gerechtigheid, WAARHEID en beschaving was de mensheid gezonken in een draaikolk van verschrikkelijke verwildering. Onzedelijkheid, roverij en alle soorten van onderdrukking en geweld waren aan de orde van de dag. Degenen die macht en middelen bezaten, verdrukten, bestolen, doodden en onteerden de zwakken. Volgens dwaze en bijgelovige tradities begroeven sommigen zelfs hun pasgeboren dochters.
Er was in het algemeen geen eerbied voor de vrouwen in de samenleving; zij mochten naar believen gekocht en verkocht worden. De mensen waren gescheiden in stammen en groepen die door aanhoudende familietwisten wraakzuchtig tegenover elkaar stonden.
Betekenisvol in verband hiermee zijn de volgende regels van de dichter Mehmed Akif Ersoy:
"Het mensdom overtroefde hyena's in het verscheuren, waar mannen zonder tanden zelfs door hun broeders verslonden werden".
Het was precies zo'n duister en neerslachtig tijdperk toen Mohammed (s.a.s) de wereld vereerde met zijn verheugende geboorte, juist voor het aanbreken van de dag in de genaderijke stad Mekka op de twaalfde nacht van de maand ar-Rabie'oel-awwal, in 571 N. Chr.
Zelfs voordat hij op de leeftijd van 40 jaar werd aangewezen als de gezant van Allah en hem de Heilige Voorschriften van Islam (Sjarie'a(h)) waren geschonken, bemerkte men aan hem talrijke wondertekenen. Omdat Mohammed (s.a.s), de laatste schakel in de keten der Profeten, zich oprecht en nauwgezet hield aan het Goddelijk bevel: "gedraag je zoals je is geboden!", was hij in alle fasen van zijn leven een levend voorbeeld van trouw en eerlijkheid. Hij was vrij van alle soorten huichelarij en leugens. Terwijl in die tijd niemand elkaar kon vertrouwen, geloofde en vertrouwde iedereen wel in hem. Ze vroegen hem om als scheidsrechter te bemiddelen in hun geschilpunten en aanvaardden zijn beslissingen. Zelfs zijn vijanden die hem verwierpen en zijn verkondiging verloochenden, erkenden dat Mohammed (s.a.s) zich verre hield van leugens en huichelarij, want hij was in alles Waarheidlievend, trouw en rechtvaardig. Zij waardeerden ook zijn uitnemend gedrag en voortreffelijk karakter en noemden hem "Mohammmed al-Amien" (Mohammed de betrouwbare).
Met de komst van zijn tijdperk, verlichtte de laatste van de profeten de duisternis van het ongeloof met het goddelijk licht van het geloof en de onderwerping aan Allah's Wil.
Daarbij kon hij het bijgeloof afschaffen, de mensheid verlossen uit de geestelijke duisternis, hen de weg wijzen die naar werkelijke beschaving en zo de sleutel schenken tot dankbare blijheid en voorspoed op aarde en in het Hiernamaals.
Veel oriëntalisten, die de geschiedenis van de Islam onpartijdig hebben bestudeerd, erkennen Mohammed's (s.a.s) hooggeplaatste rang, zijn begenadigde moraliteit en menslievend karakter. Zij voelden zich eenvoudig gedwongen hun bewondering voor hem uit te spreken en hebben erkend dat hij inderdaad een genadebrenger en de meest verhevene redder voor de gehele mensheid is.
Thomas Carlyle, een beroemde Engelse filosoof zei in een werk*, vertaald door Mohammed Asad:
"Ik bewonder Mohammed omdat hij geheel en al vrij was van huichelarij. Er bestaat ook geen menselijke weegschaal voor beoordeling van hem, want hij is te groot en verheven om daardoor gewogen te kunnen worden."
*) T. Carlyle, Heroes, Hero-worship and the Heroic in History. Blz.89, Londen 1898.
Letten we op de mate waarin scherpzinnige, verstandelijke niet-moslims onze Profeet bewonderen en toegenegen zijn, dan is het goed om als volgelingen van Mohammed te bedenken hoe veel groter onze verantwoordelijkheid is om hem lief te hebben en te eren. We willen hier nog aan toevoegen, dat met de komst van Mohammed (s.a.s.), het zegel van het Profeetschap, de wetten (Sjarie,a(h)'s) van de vroegere Profeten niet langer van kracht waren. Het volgen van recht, WAARHEID en gezag is verschuldigd aan Mohammed (s.a.s.) alleen.
Met betrekking tot dit, zag onze Profeet (s.a.s) eens dat Hadrat 'Omar (r.a.), een van zijn innigste metgezellen, pagina's van de vervallen Thora (Taurat) in z'n hand had en gaf hem een standje. Hij zei:" O, 'Omar, ben jij ook een van hen die twijfelen en onzeker zijn van het Profeetschap dat aan mij is geschonken en van de nobele Qor'an die aan mij is geopenbaard zoals de Joden en Christenen dat doen? Ik zweer bij Allah dat Profeet Mozes (Moêsa) (a.s.), aan wie de Thora (Taurat) was geopenbaard, als hij nu zou leven geen andere keuze zou hebben dan mij te volgen."
Op grond van deze WAARHEID moet men zich steeds voor ogen houden, dat in onze tijd noch het Evangelie (Indjiel), noch de Thora (Taurat) geldigheid bezitten. In onze tijden tot aan de Oordeelsdag (Qiyama) komt het oppergezag en het volgen daarvan alleen toe aan onze Profeet Mohammed Moestafa (s.a.s.) en de Heiige Qor'an.
WE MOETEN ONZE PROFEET GOED LEREN KENNEN
Om zowel in deze wereld als in het hiernamaals een eervol, deugdzaam, goed en gelukkig persoon te kunnen zijn, moeten we onze Profeet Mohammed (s.a.s.), de brenger van Genade aan alle werelden, goed kennen, goed begrijpen en trouw volgen.
De naam van onze Profeet is Mohammed (s.a.s.), zijn vaders naam was Abdullah en z'n moeders naam Amina. Twee maanden voor zijn geboorte stierf zijn vader. Hij werd geboren in de stad Mekka op maandag de twaalfde dag van de maand Rabie'oel-Awwal, overeenkomend met de 20e april in het jaar 571 n. Chr.
Al bij zijn geboorte merkte men dat hij anders was dan alle andere kinderen. Het licht van het profeetschap verlichte allen die naar hem keken.
Tot zijn vierde jaar bleef hij bij z'n pleegmoeder Halïma. Daarna kwam hij bij zijn familie terug. Toen hij zes jaar was stierf zijn moeder Amina. Zijn grootvader Abdoel-Mottalib nam hem bij zich. Maar twee jaren na zijn moeders dood, stierf ook zijn grootvader. Hierna woonde hij bij zijn oom Aboe Talib.
Mohammed's (s.a.s) kinderjaren, jeugd, huwelijk, kortom zijn totale leven, verliep in unieke deugdzaamheid en volkomenheid, zoals buiten hem aan niemand is toebedeeld.
Op 25-jarige leeftijd trouwde hij met Chadïdja al-Koebra (r.a.), die "de moeder van de Moslims" wordt genoemd. Van kindsaf haatte hij de afgoden en wilde alleen Allah, de Heer aanbidden overeenkomstig de godsdienst van Ibrahïm (Abraham) (a.s.).
Vaak trok hij zich terug op de berg Hfra, in de nabijheid van Mekka, waar hij nadacht over de eindeloze grootsheid en oppermacht van Allah, de Allerhoogste. Met Allah's leiding verdiepte hij zich in de oceanen van Goddelijke Liefde, die sinds de eeuwigheid door Allah waren geschonken. Herhaaldelijk overdacht hij de Goddelijke Eigenschappen van Allah de Enige Heer, volgens het Goddelijk Licht dat in zijn hart brandde.
En op een dag toen Mohammed (s.a.s) weer eens in de eenzame grot van de berg diep in gedachten over de geestelijke wereld was verzonken, verscheen de engel Djebra'iel (a.s) aan hem. De engel kwam door het goddelijk bevel van Allah om aan Mohammed (s.a.s) zijn taak als profeet aan te zeggen. Hij zei tegen de redder der mensheid, de lieveling van Allah, Hadrat Mohammed (s.a.s): "Iqra'!" (reciteer) "Wat zal ik oplezen?" vroeg Mohammed (s.a.s) "Iqra'l", herhaalde Djebra'iel (a.s). Mohammed (s.a.s) gaf weer hetzelfde antwoord. Daarop omvatte Djebra'iel de Profeet en drukte hem driemaal stevig aan zijn borst. We zouden kunnen zeggen dat daardoor feitelijk een operatie in geestelijke zin aan Mohammed (s.a.s) werd volbracht. En als teken van het grote wonder begon de Profeet terstond te reciteren. De engel openbaarde het bevel voor de derde keer en de Profeet (s.a.s) reciteerde de eerste geopenbaarde verzen (aya(h)'s) van de Heilige Qor'an, waarvan de vertaling luidt: "Verkondig! In de naam van uw Heer die geschapen heeft, geschapen heeft de mens uit een (eenvoudige) bloedklomp. Lees op! (maak bekend!). En uw Heer is Meest Edelmoedig. Die onderwezen heeft door de pen. Die de mens heeft onderwezen wat hij niet wist". (Soêra(h) 96 "AI-'Alaq", verzen 1-5).
Hiermee was de goddelijke taak van het Profeetschap aan Mohammed (s.a.s) opgedragen.
Na verloop van 23 jaar was de openbaring van de Heilige Qor'an voltooid. Dertien jaar lang riep de laatste Profeet (s.a.s) de mensen in Mekka op tot het volgen van de rechte weg, de Islam
Hij had veel te lijden van bestrijding, ontbering en vervolging. Door zijn vertrouwen op Allah kon hij echter alle tegenwerking geduldig verdragen en verkondigde vastberaden het ware bestaan, alsmede de enigheid van God. Later week hij uit van Mekka naar Medina, waar hij nog eens tien jaar zijn best deed om zijn heilige profetische plichten te vervullen. Hij leerde de mensen een menswaardig leven te leiden en wees hen de weg tot beschaving. Hij verlichtte hun duistere harten met An-Noer (het goddelijk licht) van de Islam. Zo vervulde hij zijn geestelijke roeping volkomen.
Hij stierf op 63-jarige leeftijd. De Heilige Qor'an, de leidraad voor de redding der mensheid, te samen met zijn eigen voorbeeldige levenswijze, zijn Heilige Tradities (As-Soenna(h) As-Saniyya), vertrouwde hij toe aan de mensheid.
Moge Vrede en Zegeningen met u zijn, O Gezant van Allah! Het is Allah de Allerhoogste die u waarlijk kent en alle lof betuigt.
U bent de Genade voor de werelden, U bent de Profeet van de mensen en djinns, U bent het zegel van de profeten, U bent de toegesprokene met het Woord van Allah: "Lawlaka Lawlak, Lama Chalaqtoel Aflak" (als Ik u niet had geschapen, dan had Ik de werelden niet geschapen). Gij zijt Mohammed de Uitverkorene.
| < Vorige | Volgende > |
|---|