De vierde voorwaarde van het geloof (al-ïmaan) is te geloven in de profeten. De profeten waren aparte en uitzonderlijke personen, die door Allah, de Allerhoogste en Waarachtige, werden uitverkozen om zijn bevelen, voorschriften, verboden en Goede tijdingen (Zijn Sjarie'a(h)) te ontvangen en over te brengen aan Zijn dienaren. Voorts waren de profeten als afgezanten van Allah gezonden om de mensen te bewegen zich af te keren van dwalingen zoals het toekennen van deelgenoten aan Allah de Allerhoogste, of het aanbidden van afgoden. Zij kregen de opdracht om de oprechte gelovigen te leiden naar ware vrede en geluk, zowel in deze wereld als in het Hiernamaals. Omdat het menselijk verstand niet voldoende is om meteen zelf de ware weg tot redding en zegen te vinden, zond Allah profeten om Zijn Wil en Wet bekend te maken, met het doel Zijn dienaren te helpen in hun zoektocht naar vrede en geluk. De profeten werden hiertoe ondersteund door Allah met buitengewone wonderen, die nooit eerder waren gezien of gehoord. Dingen die gewoonlijk voor onmogelijk worden gehouden, werden gemakkelijk uitgevoerd door de goedgunstigheid en toestemming van Allah. De eerste mens en de eerste profeet was Adem (a.s). In tegenstelling tot de bewering vanuit de traditie van bepaalde natuurwetenschappers, dat de mens van apen zouden afstammen (de evolutietheorie), kan men de afkomst van de mens natrekken tot Adem (a.s.). Dit wordt tegenwoordig bevestigd door de toonaangevende kant van het natuurwetenschappelijk onderzoek, waardoor hereniging van de religieuze en wetenschappelijke leer mogelijk is. Zonder twijfel moet men weten dat wij niet afstammen van apen, maar van Adem (a.s.) (Adam) en Hawwa (Eva), die zuiver en puur vanuit het paradijs als mens op de aarde waren geplaatst.
DE EIGENSCHAPPEN VAN DE PROFETEN
Vijf eigenschappen van de Profeten waarvan de kennis noodzakelijk (Wadjib) voor ons is, zijn:
1. As-Sidq (de Waarheidlievende): de profeten waren eerlijk, zij logen nooit.
2. Al-Amana(h) (de Betrouwbare): Zij waren betrouwbaar, in alle omstandigheden konden zij worden vertrouwd.
3. At-Tabliegh (de Verkondiger): Vastberaden verkondigden zij Allah's geboden en verboden aan de mensen zonder iets weg te laten.
4. Al-Fatana(h) (de Intelligente): De profeten hadden de hoogste mate van verstand.
Al-'isma(h) (de Onschuldige): Zij waren niet schuldig aan enigerlei verkeerde handelingen. Hun gedachten waren verre van het plegen van zonden
| < Vorige | Volgende > |
|---|