Het verhaal van Isaac (Ishaq) en Yacoeb (Ya'qub)
Isaac is de zoon van Ibrahim (Ibrahim) en werd geboren toen Ibrahim honderd jaar oud was, veertien jaar na de geboorte van zijn broer Ismaël. Zijn moeder was negentig jaar oud, toen ze hem ter wereld bracht. De Almachtige Allah zei:
"En Wij gaven hem het goede nieuws van Isaac - een profeet van de rechtvaardigen. Wij zegenden hem en Isaac en van hun beschermelingen zijn er die goed doen en sommige doen zichzelf duidelijk onrecht aan." (Qs As Shaffat 37:112)
Allah loofde Isaac in meer dan één vers in de heilige Qoer'aan. Aboe Hoerairah (moge Allah tevreden zijn met hem) vertelde, dat de Profeet $ zei: "De eerbare, zoon van de eerbare, zoon van de eerbare, zoon van de eerbare is de boodschapper Yoesoef (a.s), zoon van Yacoeb, zoon van Isaac, zoon van Ibrahim.
De mensen van het Boek zeiden, dat Isaac trouwde met Rifqah Bint Bitwaeel, terwijl zijn vader in leven was, toen hij veertig jaar oud was. Eerst was ze onvruchtbaar, maar toen hij een beroep deed op Allah, gaf ze het leven aan twee zonen.
Imam Ibn Kathir zei, dat ze de eerste zoon Aisoo noemden. Het equivalent in het Arabisch is Al-Ais en hij is de vader van de Romeinen. De tweede was Yacoeb, of Israël, de vader van de kinderen van Israel.
De mensen van het Boek zeiden, dat Isaac Aisoo voortrok boven Yacoeb, omdat hij de oudste zoon was. Daartegenover staat, dat de moeder Rifqa meer van Yacoeb hield, dan van Aisoo, omdat hij jonger was. Zij zeiden, dat toen Isaac oud werd, hij slecht kon zien en aan zijn zoon Aisoo vroeg hem wat eten te brengen, omdat hij een jager was. Nadat hij weggegaan was om het te halen, vroeg de moeder haar andere zoon Yacoeb om twee van zijn beste schapen te brengen, ze te bereiden en ze naar zijn vader te brengen, voordat zijn broer terug was, zodat zijn vader hem zegenen zou. Ze bracht hem de kleren van zijn broer en legde de huid van de schapen om zijn armen en nek, omdat Aisoo een behaarde huid had die Yacoeb niet bezat.
Toen Yacoeb zijn vader naderde, vroeg Isaac aan hem: "Wie ben je?" Hij antwoordde: "De ben je zoon." Isaac zei: "De stem klinkt als die van Yacoeb, maar de kleren en de huid lijken op die van Aisoo." Toen hij klaar was met zijn maaltijd, zegende hij hem en deed hij een beroep op Allah voor hem en zijn nakomelingen.
Toen Yacoeb wegging, kwam Aisoo en bracht het voedsel voor zijn vader waar hij om gevraagd had. Toen hij het voedsel aan Isaac aanbood, vroeg die: "Wat is dit." Aisoo antwoordde: "Dit is het voedsel dat je graag wou eten." Isaac was verbaasd en zei: "Heb je niet een uur geleden voedsel naar mij gebracht, wat ik gegeten heb en waarna ik een beroep op Allah voor jou gedaan heb?" Aisoo antwoordde: "Nee, dat zweer ik bij Allah." Aisoo wist wat Yacoeb gedaan had en werd erg kwaad. Er wordt gezegd, dat hij zwoer zijn broer Yacoeb te doden, nadat zijn vader gestorven zou zijn. Later vroeg hij aan zijn vader voor hem te bidden. Isaac deed een beroep op Allah voor Aisoo en zijn nakomelingen, opdat Allah hen de heersers van enkele rijke delen van de aarde zou maken en dat Allah hen rijkelijk onderhoud zou geven.
Toen zijn moeder hoorde van de eed van Aisoo zijn broer te doden, vroeg ze aan haar zoon Yacoeb naar haar broer Laban toe te gaan in het land van Harran en daar te gaan wonen en met één van zijn dochters te trouwen. Ze vroeg aan Isaac om Yacoeb te bevelen naar zijn oom toe te gaan. Hij adviseerde hem en deed een beroep op Allah voor hem.
Hij vertrok in de nacht en na een tijdje wilde hij wat slapen en legde een steen onder zijn hoofd. In die nacht droomde hij, dat er een weg was tussen de hemel en de aarde waarover de engelen opstegen en afdaalden en dat Allah hem aansprak en zei: "Ik zal jou en je nakomelingen zegenen. Dit land zal jouw land zijn en het zal je nakomelingen toebehoren na jouw dood." Toen hij wakker werd, was hij heel erg blij en hij zwoer, dat, als hij veilig naar zijn volk terugkeerde, hij een tempel zou bouwen op die plek en dat van alles wat hij in de toekomst bezitten zou een tiende deel voor Allah bestemd zou zijn. Hij maakte een teken met vet op de steen, zodat hij hem gemakkelijk zou herkennen en noemde deze plaats "Het huis van Allah."
Imam Ibn Kathir zei, dat dit tegenwoordig Jeruzalem is dat Yacoeb later zou bouwen.
De mensen van het Boek zeiden, dat, toen hij naar zijn oom ging in het land van Harran, hij zag dat zijn oom twee dochters had: de oudste werd Lia genoemd en de jongste was Rachael, die veel mooier was. Hij vroeg zijn oom om met Rachael te mogen trouwen. Zijn oom aanvaardde het op de voorwaarde, dat hij zeven jaar lang zijn schapen zou hoeden. Toen deze periode voorbij was, bereidde zijn oom een groot feest voor en nodigde de mensen voor de bruiloft uit. Maar zijn oom bedroog Yacoeb en in plaats van Rachael liet hij hem met Lia trouwen, die minder mooi was en zelfs slecht kon zien. Toen Yacoeb aan zijn oom vroeg waarom hij dat gedaan had, antwoordde hij, dat de gewoonte was dat de oudsten eerst trouwden vóór de jongeren. Maar als hij met Rachael wilde trouwen, hij nog eens zeven jaar voor hem moest werken. Daarna werkte hij nog zeven jaar voor hem en werd Rachel hem als vrouw gegeven naast Lia.
Ibn Kathir zei, dat dit volgens hun wetten mogelijk was, maar dat het later in de Torah opgeheven werd.
De mensen van het Boek zeiden, dat Laban vervolgens aan ieder van zijn dochters een slavin gaf. Die aan Lia gegeven werd, was Zoelfa en die aan Rachael gegeven werd, was Balha. Lia had eerder kinderen dan haar zus en gaf het leven aan Robeel, dan aan Shemon, dan Lawa en tenslotte aan Yahuza. In die tijd werd Rachael jaloers en gaf haar slavin aan Yacoeb. Deze slavin gaf op haar beurt het leven aan Dan en daarna aan Niftaly. Lia gaf haar slavin ook aan Yacoeb en zij kreeg twee kinderen Haad en Ashier. Later gaf Lia het leven aan een vijfde zoon, die Ishaakher genoemd werd, en een zesde die ze Zayloon noemde, tenslotte gaf ze het leven aan een meisje dat Dina heette. Daarna bad Rachael tot Allah een kind van Yacoeb te krijgen. Allah aanvaardde haar gebeden en ze gaf het leven aan een mooi kind dat Yoesoef genoemd werd.
Dit alles gebeurde, terwijl Yacoeb en zijn familie in het land van Harrun verbleven. En hij daar na zijn huwelijk zes jaar met zijn twee nichten doorbracht, nadat hij reeds veertien jaar voor zijn huwelijk daar doorgebracht had, hetgeen een totaal van twintig jaar opleverde.
Vervolgens wilde Yacoeb naar zijn vader terugkeren en hij vroeg zijn oom om verlof. Zijn oom zei: "Mijn eigendommen waren gezegend vanwege jou. Vraag mij welke bezittingen je hebben wilt." Yacoeb zei: "Geef me enkele jonge schapen die dit jaar geboren zijn. Geef me ieder jong schaap dat meer dan één kleur heeft, ieder zwartwit jong schaap en iedere geit zonder hoorns."
De kinderen van Laban namen alle mannelijke schapen en geiten die dergelijke eigenschappen bezitten, zodat de vrouwelijke schapen en geiten niet het leven aan jonge schapen en geiten zouden geven die dezelfde eigenschappen hadden als die Yacoeb van hun vader wilde hebben. Yacoeb bracht telkens voedsel dat dezelfde kleur had als de schapen die hij van zijn oom hebben wilde. Telkens als de schapen dit voedsel zagen, dan bewogen de jongen in hun moeders buiken en kregen de kleur die Yacoeb wenste.
Imam Ibn Kathir zei, dat dit een wonder van Allah was, waarmee Hij Yacoeb ondersteunde.
Aan het einde van het jaar had Yacoeb een groot aantal schapen, geiten, dieren en slaven. Zijn oom en zijn nichten waren zeer jaloers op alles wat hij bezat.
Allah gaf aan Yacoeb de ingeving naar het land van zijn vader en zijn volk terug te keren en beloofde hem te ondersteunen. Toen Yacoeb zijn familieleden op de hoogte bracht, zeiden ze, dat ze hem wilden gehoorzamen. Yacoeb nam al zijn familieleden en zijn geld mee. Rachael stal de afgodsbeeldjes die door haar vader aanbeden werden. Laban en zijn familie volgden Yacoeb en zijn familie. Laban beschuldigde Yacoeb ervan, dat hij hem niet tijdig genoeg de vertrektijd gezegd had, zodat hij meer tijd gehad zou hebben van zijn dochters en kleinzonen afscheid te nemen. Laban vroeg ook, waarom zij zijn afgodsbeeldjes hadden weggenomen. Yacoeb wist niet, dat Rachael haar vaders afgodsbeeldjes had genomen en hij ontkende, dat hij dergelijke beeldjes bezat. Laban onderzocht de huizen van zijn dochters en zijn slavinnen, maar vond niets. Rachel had de afgodsbeeldjes in het zadel van haar kameel verborgen en daar zat ze op. Ze zei dat ze menstrueerde en ze verontschuldigde zich, dat ze niet van haar kameel kon afkomen. Op die manier kon Laban zijn afgodsbeeldjes niet terugkrijgen.
Op één van de heuvels in dit gebied beloofde Yacoeb aan Laban, dat hij zijn dochters nooit zou vernederen en dat hij nooit een andere vrouw ten huwelijk zou nemen naast zijn dochters. Daarna werd het eten klaargemaakt en allen aten samen. Laban keerde met zijn kinderen naar huis terug.
Toen Yacoeb het land van Sa'ir bereikte, zond hij een paar boodschappers naar zijn broer Aisoo met het verzoek zich met hem te verzoenen. Zijn boodschappers vertelden hem, dat zijn broer Aisoo met vierhonderd man onderweg was om hem te ontmoeten toen Yacoeb dat hoorde, werd hij erg bang en bad tot Allah hem te beschermen en Zijn belofte te vervullen. Daarna bereidde hij een groot geschenk voor om aan zijn broer te geven. Het was een groot aantal schapen en vee en hij beval zijn slaven het geschenk naar zijn broer Aisoo te brengen. Toen Yacoeb zijn broer Aisoo zag, boog hij zeven keer voor hem.
Imam Ibn Kathir zei, dat dit de vorm van begroeting in die tijd was. Het was wettig voor hen om elkaar op een dergelijke manier te begroeten, zoals de engelen Adam groetten door voor hem te buigen, net zoals Yoesoef s broers voor hem bogen.
De mensen van het Boek zeiden, dat, toen Aisoo Yacoeb zag, hij naar voren stapte, hem omarmde en begon te huilen. Zij liepen samen verder en toen ze Jeruzalem voorbij waren, vestigde Yacoeb zich daar waar hij de boerderij van Shakhaim Ibn Jamour kocht, er een huis bouwde en een altaar en het 'het Huis van Allah' noemde.
Ibn Kathir zei, dat dit tegenwoordig Jeruzalem is, dat later door Soeleiman, de zoon van Dawoed (a.s), vernieuwd werd. Dit was de plaats waar hij de steen met vet een merkteken gaf, zoals reeds eerder vermeld werd.
Aboe Dharr (moge Allah tevreden met hem zijn) vroeg aan de profeet Mohammed (vzmh): "Welke moskee werd het eerst gebouwd?" De Profeet (vzmh) antwoordde: "De heilige Moskee (in Mekka). Aboe Dharr vroeg vervolgens: "Welke daarna?" De Profeet (vzmh) antwoordde: "De Aqsa Moskee (in Jeruzalem). Aboe Dharr vroeg nog eens: "Hoeveel jaren is er tussen de beide moskeeën?" De Profeet (vzmh) zei: "Veertig jaar." Aboe Dharr ging verder met vragen: "Welke komt daarna?" De Profeet (vzmh)antwoordde: "Als de tijd van het gebed aangebroken is, voer het dan uit. Het hele land is een moskee (voor de gelovige)."
Ibn Kathir zei, dat Yacoeb aldus de Aqsa Moskee bouwde veertig jaar nadat Ibrahim en Ismaël de heilige Moskee bouwden.
Daarna gaf Rachael nog het leven aan een kind dat Benjamin genoemd werd. Maar er waren veel problemen en ze stierf kort na de geboorte. Yacoeb begroef haar in Afrath, dat tegenwoordig Betlehem heet. Hij liet haar graf uit steen houwen en het is tegenwoordig nog steeds bekend als het graf van Rachael.
Ibn Kathir zei, dat Yacoeb daarna terugkeerde om met zijn vader Isaac te gaan wonen en bij hem bleef in het dorp Hebron in het land van Kana'an, waar Ibrahim geleefd had. Later werd Isaac ziek en stierf. Hij was honderdentachtig jaar oud toen hij stierf. Zijn twee zonen Aisoo en Yacoeb begroeven hem bij zijn vader Ibrahim.
| Volgende > |
|---|